TDFO dag 5, deel 1: 't is koers vandaag

De vijfde en laatste dag van de Tour de France Orientale is aangebroken. De benen zijn slap, je leest op de gezichten van de renners dat de koers zijn tol eist. We nuttigden een goed ontbijt. De gesuikerde muesli met gesuikerde yoghurt en gesuikerde rozijnen liet ik staan; Bart en ik als sporters op een suikerarm dieet waren erg blij dat we onze eigen suikerloze varianten hadden meegebracht. Na een snelle schoonmaakactie in de herberg en wat groepsfoto's hesen we ons weer op de fiets.

Na de afdaling vanaf de herberg was het meteen weer raak: wederom reed Stephane lek. Dat vond ik niet zo erg, want het gaf mij ook wat tijd om te toolen aan mijn derailleur. Het neersmijten van mijn fiets gisteren aan de finish was toch niet zo handig geweest: derailleur verbogen, versnellingen sloegen over. Gelukkig niet heel ernstig, met wat terugbuigen en stellen werkte het wel weer aardig.

We konden weg voor 98km met 550hm. In het roadbook stond vandaag geen hoogteprofiel; we verwachtten een vlakke etappe met een klimmetje op het eind. Voor het eerst was de damesetappe geheel gelijk met die voor de heren. Er waren ook 2 tussensprints, waar Mark nog zijn zinnen op had gezet voor het ultiem veilig stellen van het groen.

Na 45km geneutraliseerd rijden ging het direct hard aan. De sprint volgde snel. Mark pakte hem, maar dat kostte zoveel energie dat hij niet meekon met het groepje sprinters dat doorreed, weg van het peloton. Voor het eerst hadden we een echte ontsnapping. Aangezien de parcoursen niet zijn afgezet, ben je bij deze race aangewezen op instructies en kaartjes in het roadbook, waardoor de kans op verkeerd rijden groot is en niet veel mensen zich aan een ontsnapping wagen. Onze strategie op dit gebied was om altijd in de buurt van organisator Philip te rijden, die hard reed en ook perfect de route wist.

De groep vooraan nam afstand, en in het peloton viel het stil. 'Les Hollandais' hadden niemand bij de ontsnapping, dus er werd van ons verwacht dat we reden. Bij de ontsnapping zat echter niemand die gevaarlijk was, en er kwam vanmiddag nog een tijdrit aan, dus wij hadden ook niet veel zin om ons leeg te rijden. Af en toe reden we rustig op kop, dan weer speelden de nummers 1 en 2 in het klassement een spelletje met elkaar, en zo langzamerhand kwamen we in de buurt van de 90km. Al met al was het wel echt koers, als er weer iemand wegreed bij de groep moesten we met zijn allen vol aan.

Van de in totaal 550hm hadden we er inmiddels al behoorlijk wat gehad in de vorm van korte klimmen die met flink tempo genomen werden. Dit tot onvrede van Mark, die na iedere klim weer een gat moest dichtrijden. Er waren verder wel wat mensen uit het peloton gevallen, maar door hard werken zaten Bert en zelfs Judith er nog bij. Helaas de andere 2 dames in de top 3 ook, anders hadden we nog kunnen stunten.

De slotklim diende zich aan, maar bleek te bestaan uit niet heel steile stukken afgewisseld met vlakke stukken. Dit kwam de snelheid ten goede; er werd voorin snoeihard gereden. Bart zei later dat hij ontzettend hard moest werken om erbij te blijven. Ik verbaasde mezelf door er na alle inspanningen van deze week met relatief gemak aan te blijven hangen. Toen er ineens nog harder aangezet werd en we tot mijn verrassing na 95km al bij de finish waren (dus niet 98), stapte ik dan ook met een frisser gevoel van de fiets dan bij de vorige etappes. Niet slecht met het oog op de 20km tegen de wind in beulen die er 's middags nog aankwamen. Daan volgde op enige afstand. Hij had in een bocht een spectaculaire looping gemaakt nadat zijn band wegslipte, maar gelukkig was zowel hijzelf als zijn fiets nog heel.

Wie de etappe pakte weet ik niet; belangrijker was dat de hele top 10 van het klassement in de groep zat en dus dezelfde tijd kreeg. Inclusief mijn belager op 8s achter me, Florian. In de proloog had ik hem al met 46s verslagen, dus ik zag het behouden van mijn 5e plaats met vertrouwen tegemoet.

Het was nu een kwestie van eten, drinken en nog eens drinken. Het was heet in de zon (zie foto) en over ongeveer 2 uur moesten we nog een laatste keer presteren. Gezamenlijk reden we naar de start van de tijdrit.

Wordt vervolgd in deel 2!

Tschüß!
Aron (inmiddels beland in duitstalig Basel)

TDFO dag 4: lang, zwaar en panne

Het was vandaag zwaar. Voor het eerst is mijn hoofd zo moe dat er nauwelijks inspiratie in zit om een verslag te schrijven. Misschien dat ik vandaag minder hoef te schrappen om binnen de harde grens aan karakters te blijven die mijn trouwe gezel Sony Ericsson K810i aan een uitgaande e-mail stelt.

De feiten van etappe 3:
– totaal 125km
– 4 klimmen voor de Grand Prix de Montagne, in de categorieën 1, 1, 3 en 1. In totaal 2000 hoogtemeters.

De koers was getekend door panne aan de fiets bij verschillende sleutelpersonen in de wedstrijd. Na de afdaling vanaf de herberg stonden we gelijk 2x stil toen eerst geletruidrager Stephane en snel daarna Daan lek reden. Aangezien het eerste deel van de rit geneutraliseerd is, wachtte het hele peloton daarop.

De eerste klim werd relatief rustig aangesneden. Heel anders dan het slotstuk van gisteren. Wouter had hieraan geen boodschap, reed hard omhoog en pakte definitief de bolletjes door als eerste boven te komen. Na een stuk dalen sloeg voor de gele trui het noodlot toe: weer lek, maar nu was de koers echt begonnen. Uit coulance werd er even rustig gereden, iemand ging eens plassen, we keken nog eens om… maar hij kwam niet. Door dan maar, c'est la vie Stephane!

De tweede klim, van de 3e categorie, dus lichter dan de overige, werd vlotjes genomen. Na 92km stond de 3e klim op het programma. Bart zei: 'Ga jij niet nog voor de bolletjestrui, je klimt toch ook goed?' De achterstand is veel te groot, en als ik gisteren de verschillen zag… Maar 1 col pakken is natuurlijk wel leuk, en ik voelde me sterk.

De klim begon en ik zocht een tempo. Daarmee liep ik iets weg bij de groep. Ben ik sterker? Geven ze hem weg? Word ik zo weer kansloos ingehaald? De weg liep door, ik hield het tempo hoog en mijn vertrouwen dat het kon lukken, steeg. Fijne bochtige wegen in de schaduw, zo heb ik ze graag. Toen ik voor het eerst omkeek zag ik een groepje van een man of 8 in de achtervolging. Bij de volgende bocht waren ze iets dichterbij, en ik zette iets aan. Nog een paar bochten, nog eens omkijken, daar is de auto weer (deze keer geen Kangoo), hand omhoog voor de foto en hij is in de pocket. Een kleine triomf.

De groep sloot aan en het was koppen tellen. We waren weer met 7 en ieder team in de top 3 was met 2 man gelijk vertegenwoordigd. Van ons waren dat Wouter en ik. Rijden maar. Na een bocht sloeg voor Wouter het noodlot toe: ketting eraf en om zijn derailleur gekruld. Ik stopte, 5 man reden door. Na wat rukken en trekken aan de ketting reed Wouter weer, maar niet zo soepel, de ketting sloeg steeds over. Toch maar door, de 5 waren nog in zicht en reden niet heel hard door. Na weer een flinke inhaalinspanning hingen we er weer aan. Merci.

Er volgde een lange, snelle afdaling en wat ik vreesde gebeurde: Wouter hield iets in omdat hij niet van zijn fiets op aan kon, en moest lossen uit de groep. De 5 keken om, zagen hun kans schoon en waren minder coulant dan zoëven: er werd hard aangezet en ineens zeer georganiseerd gereden. Ik overwoog mijn opties en besloot dat 1 man voorin beter was dan 0, dus reed mee en probeerde zo weinig mogelijk kopwerk te doen.

We kwamen vrij vlot aan bij de slotklim. Dit was voor mij min of meer een herhaling van de laatste kilometers van gisteren: ik was op, de anderen gingen me te hard naar boven en ik zocht zo veel mogelijk afleiding om de helletocht te volbrengen, en wel zo snel mogelijk. Noemenswaardig is wel dat Wouter me op 1/3 van de klim alweer voorbij kwam. Goed bezig! De man in het rode shirt die ik gisteren klopte, moest ik ditmaal voor laten rijden. Ik heb hem continu in zicht gehad. Toen de klim aan het einde wat afvlakte schraapte ik wat energie ergens heel diep uit mijn lichaam, en 50m voor de finish kon ik hem toch inhalen. Over de finish, naar de berm, fiets opzij gesmeten en voorover liggen in het gras. Wat was ik kapot. Later zag ik op mijn hartslagmeter dat ik een nieuwe max op de fiets had gehaald: 187.

In een waas beleefde ik de aankomst van de overige teamleden. Bart weer kort achter mij, Mark wat ruimer. Daarachter Bert, en na zeer geruime tijd Daan. Hij had gehoopt op de rode lantaarn, maar helaas, er waren mensen nog een heel stuk later.

Ook Judith had vandaag last van panne: haar derailleur protesteerde en haar ketting is er 3x afgevlogen. Mede daardoor is haar plek op 10s van de leidster in het klassement omgezet in een achterstand van 13 minuten. Kansloos voor de winst, maar 3e is ook mooi.

Het klassement nu:

1. Valentin Fridelance
2. Pierre-M. Humbert, 0:18
3. Wouter Kegge, 0:47
4. Philip Morel, 2:06
5. Aron van Ammers, 5:02
8. Bart van der Wal, 8:27
19. Mark Groot, 23:00
22. Bert Streumer, 38:07
28. Daan Hoogland, 1:39:29

Degene achter mij staat op 8 seconden, spannend dus. In het teamklassement zijn we naar de 3e plaats gezakt, op 1:55. Wordt moeilijk om dat nog te pakken. We gaan het morgen zien bij de koers (90k 'vlak') en de slottijdrit (20k met 150hm).

Salut!
Aron

TDFO dag 3: freewheelen en afzien

Dag lezers! Ik schrijf jullie vanuit de herberg in Couvet, waar we tot het einde van de wedstrijd zullen bivakkeren. We worden hier vertroeteld door een team van 4 ouders van organisatoren. Het enthousiasme om 60 hongerige fietsers te verzorgen straalt eraf bij deze mensen. 'Plus de fromage! Plus de chocola!' klinkt het in de keuken uit de mond van een soort oma die steeds alle bordjes met proviand aan het bijvullen is.

De etappe van vandaag was als volgt te typeren: 65km rustig inrijden, gevolgd door de bruutste klim van de hele koers: 14km met 850 hoogtemeters, de enige van de buitencategorie. In de eerste 65km zaten nog wel twee sprints, die wederom vakkundig gepakt werden door Mark. De groene trui hangt stevig om zijn schouders. Verder was het hoofdzakelijk wachten op het moment dat we eindelijk omhoog mochten.

Wouter had zich heel serieus voorgenomen om de etappe te winnen en daarmee echt de bolletjestrui te pakken. En dan het liefst zonder ook de gele trui mee te nemen, ten eerste omdat die hem niet interesseert en ten tweede om wat krediet bij de Zwitsers te houden. Les Hollandais staan al bovenaan in het teamklassement, hebben de groene en de bolletjestrui en Judith zit ook niet ver van de roze trui. Het moet wel leuk blijven. Aan de andere kant, 'Parijs' is nog ver.

Naarmate we Concise naderden, waar de klim zou beginnen, werd het in het peloton steeds zenuwachtiger. Net voor de klim waagde een goede klimmer van een concurrerend team zich nog aan een ontsnapping om eerder aan de klim te beginnen. Daar stak Daan een stokje voor door flink op kop te sleuren, en we begonnen en groupe aan de klim. Er werd direct fors aangezet en de usual suspects meldden zich. Een groep van 7 nam afstand: de nummers 1 en 2 van het klassement Stephane en Philip, bolletjesjager Wouter, 3 man waarvan ik inmiddels ook al goed weet hoe hun achterwiel eruit ziet (een rood shirt, de teruggehaalde ontsnapper in blauw shirt, de leidende junior in de witte trui) en ik.

Het tempo was me net iets te hoog, maar ik besloot zo lang mogelijk te blijven hangen en te zien hoe de rest het volhield. De klim bevatte afwisselend langere stukken van 8-10% en wat kortere, vlakkere stukken. Op die vlakkere stukken stond nogal wat wind, alleen daarom was het al goed om bij de groep te blijven. Vastbijten dus.

Het was zwaar. Zo intensief klimmen is een gevecht met jezelf. Het lichaam schreeuwt 'dit is te zwaar, stop nou', terwijl de geest continu zoekt naar sprankjes motivatie om het nog vol te houden. 'Zij zitten ook stuk'. 'Hoe langer ik mee ben, hoe meer tijd voor het teamklassement'. 'Het gaat lekker, ik hoef helemaal niet te lossen'. 'Dit is mooi, mijn idee van vakantie'.

Ergens net over de helft kraakte de groep en zag Wouter zijn kans. De gele trui en het blauwe shirt bleven het dichtst bij hem in de buurt. Daarachter Philip en de witte trui, toen ik. Philip moest lossen waardoor ik op een 5e plaats afstevende. Maar de klim was lang en daar kwam hij alweer voorbij. Het rode shirt bleef wel achter me.

Nog 4km. Tot nu toe was de gedachte aan opgeven iedere paar seconden langsgekomen, maar dit geluid verstomde. Op deze net iets te hoge hartslag ging ik het afmaken. Alles deed pijn, maar ik werd steeds vrolijker en kon een glimlach niet onderdrukken. Een bordje, Couvet 3km. Nog steeds had ik voor me 2 man in zicht, achter me niemand meer. Gewoon maar doordraaien, dan is het het snelst voorbij. Even staan! Even zitten! Mooi uitzicht! Alweer 100 meter gehad! Je ziet, je houdt jezelf wel bezig.

In de verte tekende zich aan de kant van de weg een figuur met een geel jasje af. Dat moet de gele trui zijn die al klaar is, euforie, ik ben er al! Staan op de pedalen, even aanzetten nog… Oh nee, dat was Judith, die had ook gezegd dat ze op 1km van de finish zou gaan staan. In ieder geval is het nu zeker nog maar 1km.

Die laatste km zong ik ook nog wel uit, en daar was het dan eindelijk, de finish. Ik hou aan deze wedstrijd een grote voorliefde aan roodbruine Renault Kangoos over. Nu dan echt voor de laatste keer aanzetten, moeilijk kijken voor de finishfoto en oh groot genot, afstappen en zitten. 6e op bijna 3 minuten van winnaar Wouter. Dit was inderdaad zijn klim.

Kort na mij volgde Bart, daarna Bert, die had ingezien dat hij als 4e teamlid meetelde voor de teamuitslag en er flink aan had getrokken. Vervolgens monsieur maillot vert Mark, op weer enige afstand gevolgd door Daan. Judith heeft ook weer goede zaken gedaan bij de dames: tweede op de etappe en weer iets dichter bij de roze trui.

Het is hier tijd voor het avondeten. Ik stel me zo voor dat 60 hongerige wolfjes los gaan op enorme pannen pasta. Degenen zonder een al te spartaans sportregime zullen zich misschien wel te buiten gaan aan een biertje. Weten we gelijk wie de echte fanatiekelingen zijn. Doe mij dat biertje maar.

Morgen op het programma: de koninginnerit. Niet zo'n lange klim als vandaag, wel 125km met 2000 hoogtemeters. Nice!

A demain!
Aron

TDFO dag 2: bolletjes, groen en bijna losgereden

Lezers! Hier verslagje nummer 3. Vanmorgen is etappe 1 verreden. Om jullie alvast gerust te stellen: we zijn allemaal heelhuids gefinished, zonder lekke banden of ergere calamiteiten. Maar voor ik overga tot het vertellen over de heldhaftige prestaties, eerst een kort intermezzo over onze verblijfplaats, de camping van Lausanne.

Om kort te gaan: de camping is goed! Alles is prima, en hij heeft 1 groot pluspunt: hij ligt aan het Meer van Genève (foto 1)! Mijn dagelijkse wakkerwordmoment met een koude douche is daarom vervangen door een heerlijke koude plons. Teamies met wetsuit hebben al verschillende zwemtochtjes ondernomen.

Vanmorgen hebben we een tatouagesessie gehouden om de concurrentie af te schrikken. Mijn rechterkuit is nu voorzien van een puntig Hellaslogo (foto 2).

Genoeg over randverschijnselen, dat is allemaal bijzaak, het draait hier om de koers! Die officieel geen koers is maar een tourtocht, althans dat is wat we de politie moeten vertellen zou er een controle komen, maar wij weten wel beter.

De stats van etappe 1:
– Totaal 105km, 950 hoogtemeters
– 3 klimmen voor het bergklassement, 1 van de 2e en 2 van de 3e categorie
– 2 tussensprints en een slotsprint
– 35km geneutraliseerd, dus pas daarna hard rijden

's Ochtends bij het verzamelpunt mocht ik de bolletjestrui aantrekken vanwege mijn prestatie op de tijdrit. Vreemd, de bergtrui aantrekken als er nog geen klim verreden is. Maar het voelde wel goed! De groene trui ging bij organisator Philip om de schouders, en de gele bij ene Stephan, de winnaar van de tijdrit. Stephan wist mij later te vertellen dat klimmen meer zijn ding is. Daarnaast heeft hij ook meegesprint om de punten. Laat duidelijk zijn dat het een uitdaging is om deze man te kloppen op welk wielerterrein dan ook.

Het geneutraliseerde stuk is simpelweg rustig warmrijden (foto 3&4). Maar na de gezamenlijke pipi-stop ging het gelijk hard aan. In de aanloop naar de eerste sprint, bergaf, liep het tempo al snel op naar de 60. Voorin zag ik Mark goed zitten, en jawel, hij pakte de eerste echte punten. Hierna volgde al snel de klim van categorie 2, 350m omhoog in 7km. De betere klimmers presenteerden zich voorin. Daarbij ook Wouter, gebrand op het winnen van de bolletjestrui, uiteraard de geletruidrager, en ik kon met de bolletjes om mijn schouders natuurlijk ook niet ontbreken. Er werd aardig doorgereden, en mijn hartslagmeter gaf al snel aan dat er niet veel rek meer in de snelheid zat. Gelukkig leek dat voor de anderen ook te gelden. Na een bocht werd de finish aangekondigd in de vorm van een bruine auto en 2 mensen in oranje hesjes in de verte. Dat zagen Stephan en ik op tijd; de rest iets te laat. We sprintten erom, mijn kuiten ontploften, maar de 2e plaats was binnen en daarmee mijn eerste echte bergpunten. Deze klim was bepalend voor de rest van de rit: we waren nog maar met een man of 20, en de rest hebben we pas aan de finish weer gezien.

De volgende klim werd gewonnen door Wouter die vroeg demarreerde, en ik kon vrij eenvoudig ook daar tweede worden. Mark pakte met overmacht de tweede sprint.

Mijn benen begonnen steeds meer te klagen. De gedachte kwam op dat ik nog nooit zo'n lange koers als dit had gereden, en hierna komen er nog 3. Deze beperkende gedachte en de matheid in mijn benen werden uiteraard vakkundig genegeerd. Bij de derde klim ging ik in al mijn enthousiasme vroeg en hard aan, en dat had ik beter niet kunnen doen. Ik zakte volledig door het ijs, en kon de groep niet meer bijhouden. In rap tempo verloor ik seconden, het leek al gauw een minuut. En dat op 10km van de finish! Er vormde zich een blokje van 5 lossers (Let op lezer! Ik zeg lossers! Geen loosers! Bent u daar nog?) met daarin ook Mark. Hij had bij de eerdere klimmen al met dit bijltje gehakt, aangezien hij in de klim steeds moest lossen en steeds weer knap terugkwam. Dit werd een gevalletje georganiseerd op het tandvlees rijden. Toen we de groep tot 20s benaderd hadden, stroomde er weer wat levenssap in mijn kuiten. Even hard doortrappen en het gat was weer dicht. Dankbaar voor het feit dat de groep op dit stuk niet al te hard had aangezet, maar zonder extra bergpunten, begon ik aan de finale.

Het laatste stuk was voornamelijk rechtuit en af en toe flink dalend. Dit kwam de snelheid ten goede, ik moest af en toe tot de 60 aanzetten om de groep te houden, op hetzelfde tandvlees als zoëven. Bij de slotsprint zag Mark de finish te laat, maar wist nog wel plaats 3 te pakken.

Judith stond ons al op te wachten. 3e bij de dames, die een verkort parcours reden. Na 4min volgde Bert (de goede route gehouden); Daan op 10min (veel gewerkt, maar de rest van zijn groep niet).

Wouter staat 2e in het bergklassement. Aangezien de geletruidrager ook daar de leider is, mag Wouter morgen de bolletjestrui van mij overnemen. Mark heeft volgens eigen berekening recht op de groene trui. Team Hellas rules!

We zitten nu aan een heerlijke pasta met zalm, over en uit dus!

A demain,
Aron

TDFO dag 1: team 'badmuts over de helm' laat van zich horen

Gegroet lezer!

De aftrap heeft plaatsgevonden: de proloog is achter de rug. Bij het rendez-vouspunt ontmoetten we organisator Philip, en een groepje andere deelnemers. En groupe werd er naar de start gefietst, waar we het parcours nogmaals verkenden. Dat was nu de derde keer dat ik het rondje zag, nu wist ik het echt wel.

Bij mij begon de spanning toe te nemen, en ook aan de anderen merkte ik dat zij niet geheel gespeend waren van wedstrijdspanning. Bart, Mark en ik spanden als rechtgeaarde triatleten een badmuts over onze helmen om aerodynamische redenen, bij gebrek aan een tijdrithelm. Mijn snelle wielen heb ik ook thuisgelaten, in tegenstelling tot een handjevol Zwitsers die in vol ornaat met tijdrithelm, soms een dicht wiel, tijdritfiets en uiteraard sokken over de schoenen aan de start verschenen. Imposant, maar fietsen ze ook hard?

Om 19:18 was de eer aan Wouter om als eerste van team Hellas aan te treden. Mijn start was om 19:49, tijd genoeg dus om nog even in te rijden. Een stukje hard heen en weer naar een dorpje in de buurt. De benen voelen goed, klaar voor de start.

Trois, deux, un, en weg. Bij het eerste bruggetje zat ik op 16 seconden, waar ik de meesten al op 19 zag zitten. Te hard weg? Nee, het is een korte tijdrit dus ik ga er vol in. Na 4 minuten kreeg ik mijn voorganger al in zicht, die 1 minuut voor me was gestapt. Dat gaat wel heel hard. Het duurde wel tot minuut 7 voor ik er langs was. Het eerste stukje klimmen voelde al niet meer zo makkelijk als tijdens het inrijden. Maar het schoot op, het parcoursrecord stond op 11:21, dus als ik daar in de buurt reed duurde het niet lang meer.

Na het dorpje Bettans werd het lastiger, daar volgden twee klimmetjes en een open stuk met wind tegen. Mijn benen raakten steeds leger, en op het open stuk had ik moeite de teller boven de 30 te houden. Da's even wat anders dan met boven de 50 afdalen met wind mee… Na nog een grote kuil (hard naar beneden, tempo houden naar boven) volgde een bochtje en het aanloopstuk omhoog naar de finish. Ik keek op de klok en zag dat het goed zat, nog onder de 11 minuten. Met het putten uit reserves die nog ergens in mijn lichaam aanwezig bleken, het uitstoten van enkele oerkreten en het reciteren van mantra's als 'je voelt geen pijn' overbrugde ik het laatste stuk. De klok zei 11:34, de hartslagmeter 183 en het lichaam 'je moet NU even zitten, anders val je om'. Helaas, ik bewoog me met meer dan 40 km/u in voorwaartse richting, dus dat was even geen optie. Enigszins duizelig remde ik en reed terug naar de finish. 'De beste tijd tot nu toe' — niet voor niets geleden dus.

Er volgden nog twee tijdrithelmen die 11:20 en 11:27 reden. Het overige snelle materiaal heb ik dus geklopt, alleen dat al was een overwinning. Deze derde plaats leverde me enkele punten voor het bergklassement op, waardoor ik in etappe 1 in de bolletjestrui van start ga. Erg fijne opening!

De resultaten van de rest van team 'Hellas Utrecht' zoals we hier bekend staan:
Bart, Wouter en Mark reden ook onder de 12 minuten wat ons aan de top van het teamklassement bracht. Onze hoop is dat dit genoeg inspiratie is voor sommige Zwitsers om bij de afsluitende tijdrit op zondag ook de badmuts ter hand te nemen. Daan bleef de snelste dame net voor, waar hij erg content mee was. Judith net niet, maar was wel tweede dame. Bert beleefde zijn voorspelde nachtmerrie: hij reed verkeerd en kwam na 29 minuten pas binnen. Dit werd door de organisatie beperkt tot de langzaamste tijd van 17 minuten, dus de schade voor het klassement viel nog mee. Al met al hebben we dus wel van ons laten horen.

Uitslagen zijn inderdaad te bezichtigen op www.rushteam.ch, op het forum ‘Récits de courses’. Het parcours was overigens 8.14km, geen 9, dan zouden die tijden ook wel heel strak zijn.

Er is een goede kans dat de uitslagen van etappe 1 daar ook al op staan; inmiddels is die ook al verreden en het verslag volgt nog!

Groeten uit zonnig Lausanne,
Aron

Tour de France Orientale, dag 0: introductie en parcoursverkenning

Dag lieve lezers!

Hierbij het eerste verslagje in een reeks van 6. Ik bevind mij in Lausanne, Zwitserland, voor mijn eerste meerdaagse sportevenement ooit: de Tour de France Orientale, een vijfdaagse wielerkoers georganiseerd door de lokale triathlonvereniging alhier.

Overeenkomsten met de echte Tour de France zijn behalve de naam het feit dat er tijdritten en bergetappes zijn en de klassementen met gele, groene en bolletjestruien. Maar verschillen zijn er ook genoeg; de etappes zijn korter (100-130km) en het parcours is niet afgezet. Vanwege het verkeer wordt er het grootste deel geneutraliseerd gereden, netjes twee aan twee. Ontsnappen is niet toegestaan, en er wordt gewacht op mensen die moeten lossen. In de klimmen en de laatste stukken van de etappes kan het verschil worden gemaakt, dan is demarreren wel toegestaan. Ik weet nog niet precies wat ik moet verwachten van het niveau en fanatisme van de overige deelnemers; na de eerste etappe is dat ongetwijfeld duidelijker.

Een korte introductie van ons team, Talloze Dagen Fietsend Omhoog, hoofdzakelijk bestaand uit leden van de Utrechtse triathlonvereniging Hellas:

Wouter Kegge – Initiator van onze deelname, sterkste klimmer en serieus kanshebber voor de bolletjestrui. Tevens een zeer sterke hardloper, maar dat onderdeel is er in deze wedstrijd helaas voor hem niet bij.
Mark Groot – Gekend tijdrijder, reed onlangs in Almere nog 42km net onder 1 uur. Heeft ook sprintvermogen in de benen en gaat een gooi doen naar het groenetruiklassement.
Bert Streumer – Kranige zestiger met menig kampioenstitel op zijn naam. Rijdt alsof hij nog een twintiger is. Veruit de meest ervaren rot in het team.
Bart van der Wal – Zit zijn halve leven al op een racefiets, en is zowel in het klimmen als bij de tijdritten een gevaarlijke outsider voor de Zwitsers. Gezegd moet wel worden dat hij 1/3 van zijn leven op zijn huidige racefiets rondrijdt, "krk-krk".
Judith Dijker – Onze enige kanshebster in het damesklassement, en ze doet nauwelijks onder voor de heren.
Daan Hoogland – Rijdt sterk dit jaar, en is bij Hellas-trainingen altijd tot het einde te vinden bij het beruchte "eigen tempo"-stuk. Bestuurder van de karakteristieke VW surfbus. Altijd op zijn hoede voor De Vijand, die overal op de loer kan liggen in de vorm van iedere triatleet die geen Hellas-lid is.
Aron van Ammers – Kan een beetje tijdrijden en een beetje klimmen. Zal zich bij de sprints afzijdig houden vanwege gebrek aan talent op dit gebied. De grote vraag is of hij na enkele zware koersdagen nog weet te presteren of kansloos door het ijs zakt.

En de twee soigneurs:

Lise Klunder – Bereidt de heerlijkste en meest voedzame maaltijden om het team na zware arbeid in de koers weer snel te ravitailleren.
Nina Streumer – Heeft jarenlange ervaring als verzorgster van teams in de Roparun, Europamarathon en andere sportieve evenementen, die er regelmatig uitkomt in de vorm van mooie verhalen.

Met deze mensen gaat het dus gebeuren. De koers duurt van woensdag 20 mei t/m zondag 24 mei. Vandaag om 19:00 is de proloog, een tijdrit van 9km. Licht glooiend, in totaal 59 hoogtemeters klimmen. Dat is wat men hier "vlak" noemt. We hebben het parcours gisteren twee keer gereden. Het parcours bevalt me; de stukjes klimmen zijn kort genoeg om een behoorlijke snelheid te houden en daarna weer door te knallen. Voor de rest zijn het voornamelijk lekker lange rechte wegen.

De tijdwaarneming werkt als volgt: er worden twee stopwatches gestart, waarvan de eerste deelnemer er een meeneemt. Bij de finish noteert de eerste deelnemer zijn eigen aankomsttijd en vervolgens die van de rest. Zie daar alweer een verschil met de Tour de France: het gaat er hier net iets minder professioneel aan toe.

Het is hier tijd voor de warme maaltijd, die we in verband met de starttijd van de proloog in de middag zullen nuttigen. Het weer is overigens ronduit zomers. We moeten ons flink insmeren om niet direct als uitgedroogde kreeften te eindigen. Vanavond of morgen volgt een nieuw verslag, met de uitslagen van de proloog en bespiegelingen op de rit van morgen.

Meer informatie over de wedstrijd is te vinden op www.rushteam.ch. Er is mij verteld dat de uitslagen hier ook iedere dag zullen verschijnen.

Salut!

Aron

Een fietsritje door de polder

Het is hier in Amsterdam en omstreken beroerd fietsen. Alleen maar stinkende autowegen en anders wel vliegtuigen, zoveel kanalen dat ze altijd in de weg zitten en geen enkel stukje leuk groen. Dacht ik! Maar daar moet ik op terugkomen.

Vanmiddag thuisgekomen uit Enschede na het feestje van N. restte mij nog een uurtje of 4 heerlijk voorjaarsweer, global warming-style: zonnig, warm en een kraakheldere hemel. Er ging gefietst worden! Bij gebrek aan fietsmaatjes (wie vraag je zondagmiddag om 16:00 nog?) trok ik alleen ten strijde. Op de kaart lachten de Vinkeveense plassen en een hoop kringelweggetjes daaromheen mij toe. Daar moest ik zijn! Zonder een duidelijk plan over het aantal te rijden kilometers vertrok ik met 2 mueslirepen, 5 gedroogde vijgen en 2 bidons richting het Amsterdam-Rijnkanaal. De oplettende lezer valt het wellicht op dat dit aan de magere kant was. De minder oplettende fietser in mij zou hier pas na 80km achterkomen!

Het Amsterdam-Rijnkanaal dus. Daar was het al prettig fietsen. Windje schuin in de rug, ook niet verkeerd. Al moet ik wel toegeven dat er continu een bepaalde industriewalm hing. Dit stemde mij nog niet positief over het fietsen in de Randstad. Weldra slingerde ik wat meer de polder in, en het werd beter. Veel beter! Eindeloze slingerwegen langs even eindeloze vaarten en plassen volgden elkaar op. De lucht werd eindelijk fris.

Ieder schilderachtig boerderijtje wat ik tegenkwam had minstens 2 auto’s voor de deur, waarvan bij voorkeur minstens 1 Jaguar. Leuk wonen in de polder is blijkbaar niet voor iedereen weggelegd. Na wat heen-en-weergeslinger langs meerdere dorpjes werden ook de Vinkeveense plassen aangedaan, mij inmiddels welbekend na een Rondje Eilanden met B. vorig jaar. Hier zijn de huizen en auto’s overigens helemaal spectaculair.

Inmiddels zat ik op zo’n 45km en een plan begon zich te vormen: het werd 80km, of misschien wel 100. De benen voelden goed, dus 100km zou leuk zijn. Maar mijn eetvoorraad slonk al aardig. Na van de laatste mueslireep de helft te nemen sprak ik met mezelf af dat de andere helft pas op km 60 genuttigd zou worden.

Vervolgens even de bordjes richting Amsterdam gevolgd. Toen in de verte de skyline met Arena en verschillende kantoorgebouwen begon op te doemen, weer wat afgezwaaid naar het westen. Maar na enige tijd was ik Amsterdam toch wel zo dicht genaderd dat er een duidelijke keuze gemaakt moest worden: ofwel richting huis, ofwel een lus eraan breien. Dit was rond km 65. De benen voelden goed, en ik had 100km stiekem al tot mijn doel gemaakt, dus hup, zuidwaarts maar weer. De wind had overigens de neiging steeds in de rug te blijven. Met hartslagwaarden zoals je ze wilt in een rustige duurrit reed ik geregeld 35-37.

Edoch, rond km 80, ik was inmiddels in Aalsmeer beland, begon zich wat vermoeidheid te vertonen. Sterker nog, mijn benen waren leeg, alles was leeg, en ik had nog maar 1 vijg en een paar goede slokken drinken over! Zo ging ik die 100 niet redden. Alles toch maar meteen opgemaakt en heel fanatiek een kraan en een cafetaria met AA-drink en een Snickers gevisualiseerd. En jawel, rond km 85 was ik in Amstelveen en na enkele bordjes Stadshart was daar ten eerste een benzinestation met kraan – ahhh, water – en ten tweede mijn redding op dit benauwde moment: Carels cafetaria. In tegenstelling tot wat de naam deed vermoeden was deze uitspanning gespecialiseerd in nasi ramas en werd hij gerund door slecht Nederlands sprekende Chinese dames. Evenwel konden ze mijn bestelling van een flesje AA en een Snickers prima afhandelen. Wat een genot! Ik bruiste weer van de energie, knallen maar met die laatste km’s. Door het Amsterdamse Bos en met een kleine omweg door Osdorp om toch zeker aan die 100 te komen flitste ik langs stoplichten en nietsvermoedende passanten. Om bij thuiskomst 101,93 op mijn teller te zien staan. Mission accomplished.

Conclusie: het is goed fietsen in de polder. En solo 100km rijden is 3,5 uur pure meditatie.

Linux user #400634

Het is officieel, ik gebruik Linux, dan wel niet altijd maar toch zeker soms. Blijft erg leuk om er af en toe wat mee te knutselen. Met zelfs een heus registratiebewijs:

Die 400634, dat zegt natuurlijk niets behalve dat er 400633 mensen voor mij op dezelfde site aangegeven hebben dat ze Linux gebruiken. In werkelijkheid zijn er natuurlijk heel veel meer Linux-gebruikers.


Triathlon Nieuwe Niedorp: 2e! Bij afwezigheid van een flink deel van de top 10 van vorig jaar, en door beter te fietsen, lukte het om niemand tussen Eric van der Linden en mij in te houden. Gaaf! Zoals ook aan mijn gezichtsuitdrukking te zien is 🙂

Mijn publiek domein

Hoera! Multitof.com doet eindelijk wat hij moet doen: deze blog hosten. Wellicht zal ik er nu dus ook eens iets op zetten. De kunst is om iets te schrijven te hebben, wat ik zelf kwijt wil, en wat ook nog eens interessant is om te lezen… Dan hebben we de lat al wel behoorlijk hoog liggen natuurlijk. Gelukkig weet nog bijna niemand dat deze blog bestaat, het is dus een beetje droogbloggen.

Voor nu een link om u geamuseerd te houden: The Dawn and Drew show, mijn meest favorietste podcast. Een married couple uit Wisconsin (waar dat ook moge zijn, wie in Europa weet er iets van de ligging van staten en plaatsen in de USA?) neemt regelmatig een gesprekje op zonder enige noemenswaardige inhoud maar met een hoge amusementswaarde. En dankzij de Podcasting revolutie kun jij dat iedere keer automatisch op je mp3-speler krijgen. Is het niet geweldig? Ik zal een antwoord suggereren: ja, dat is geweldig.

Decisions, decisions.

The first question I have to answer, having started this blogging business,

is will I blog in Dutch, of zal ik in het Nederlands bloggen? If I blog in

dutch, only about 16 million people will be able to read it. Maar als ik in

het engels blog, kan ik niet putten uit alle mooie Nederlandse

taalconstructies. It is beyond doubt however that I should choose a

language. De keuze is bij deze gemaakt: Multitof zal een Nederlandse blog

zijn. Maar pin me er niet op vast, er zou misschien wel eens een engels

postje tussendoor kunnen glippen 🙂

First post!

These are my first steps into the world of blogging. Why blog? Because I’m curious, that’s one reason. Because I think I might have something to say that interests someone. And I won’t deny I do it because I want to be a part of this “publication revolution”. Where everyone can publish their thoughts, not depending on the money they have or the people they know, but on whether they have something to say.

So let’s see whether this can become interesting.